De financiële winter

1 mrt 2011 | Erwin Ormel | Reageren

Vorige  week stelde de raad de uitgangspunten vast voor de begroting 2012 en volgende jaren. Het wordt nu menens. Er is een regeerakkoord en het college heeft  al een bezuinigingspakket van € 2 miljoen ingevuld.  Waarschijnlijk is dat nog niet voldoende en zullen we vanaf 2014 nog verder moeten bezuinigingen zo heeft het college laten weten.  In juni, bij de behandeling van de voorjaasnota komen we daarop terug.

We hebben de rekening nog niet hoeven neerleggen bij onze burgers. Ook over 2011 wordt er weer een mooi lastenplaatje gepresenteerd. Huizen heeft de afgelopen vier, vijf jaar een mooi trackrecord neergelegd. In Voetbaltermen:  voorrondes van de Europaleaque.  Wat langzamerhand wel opvalt is dat steevast meevallers worden gemeld bij de gewestelijke afvalstoffendienst. Dat is op zich mooi. Zeker wanneer er steevast sprake zou zijn van efficiëncyverbeteringen en verbeterde effecten van het gescheiden inzamelen. Anders wordt het wanneer we steevast de budgetten op een te hoog niveau vaststellen. Wij vragen ook het college om daar in de volgende jaarrekening expliciet aandacht aan te schenken. 

De bezuinigingen zijn voor het overgrote deel al ingevuld. En dat is een prestatie van formaat. Wat wel opvalt is dat het nog relatief “gemakkelijke” bezuinigingen zijn.  Er wordt nog niet echt ingeleverd op de kwaliteit van de dienstverlening. Het voorzieningenniveau richting de burger blijft overeind. Als je vanuit dat perspectief naar de bezuinigingsvoorstellen kijkt, dan kom je maar tot één conclusie: De dames hadden nog wel een “vetrand”.

 Meest pregnante voorbeeld is daarvan de WMO. Er kan worden bezuinigd, zonder dat er wordt ingeleverd op het verstrekkingenpakket. Op zich juichen wij dat toe. Bezuinigen is geen doel op zich. Bovendien is het ook wel verklaarbaar. De criteria waarlangs het rijk het WMO budget verdeeld zijn nog niet volledig uitgekristalliseerd. Het rijk werkt werkende weg aan een verfijning van deze maatstaven. Dat betekent dat zeker in het begin er sprake is van een situatie is waarin gemeenten eigenlijk teveel of te weinig krijgen. Althans volgens objectieve maatstaven. Nu het verdeelmodel verder is aangepast, moest Huizen geld inleveren. Eigenlijk hadden we al die jaren teveel gehad. Althans volgens de nieuwe objectieve maatstaven. En wat doen we dan in Huizen: De effecten van het nieuwe verdeelmodel wentelen we af op de algemene middelen. Het te hoge budget houden we in stand. Zodat we bij de invulling van de bezuinigingstaakstelling een royaal gebaar kunnen maken.  En zo slepen we de welzijnstaakstelling door de financiële winter. 

 Het toont voor mijn fractie wel aan dat binnen de welzijnshoek nog niet echt sprake is van een fundamentele afweging. Er is echter één uitzondering: en dat is het peuterspeelzaalwerk. Daar worden echt fundamentele afwegingen gemaakt.  We kiezen voor het faciliteren van een voorziening voor degenen die het echt nodig hebben. En dat is een lijn die ons aanspreekt in tijden van bezuinigingen. Je bezuinigt op die terreinen waar je een gerechtvaardigd beroep mag doen op de zelfredzaamheid van burgers.  Daar waar mensen een duwtje in de rug, of liever nog een trampoline nodig hebben, faciliteer je als overheid.  Maar het buurthuiswerk en het welzijnswerk blijft volledig buiten schot. Herijking van taken en efficiencyverbeteringen is in dat deel van de welzijnsportefeuille kennelijk taboe.

Reageren

* - verplichte velden