Het weekblad Binnenlands Bestuur kwam afgelopen vrijdag met een opmerkelijk bericht, nou ja opmerkelijk. Eigenlijk werd nu eens publiekelijk bevestigd wat we allemaal al lang wisten: lange formaties of dikke college akkoorden zijn niet bepalend voor de levenskansen van een gemeentebestuur (college van Burgemeester en Wethouders). Professor Bas Denters, hoogleraar Bestuurskunde aan de Universiteit Twente heeft onderzocht dat voor de vorming van een stabiel college het er niet toe doet of je lang of kort formeert. En evenmin is bepalend of je een paar afspraken op papier zet of dat je er vuistdik rapport van maakt, waarin je alles tot achter de komma dichtregelt.
Samenwerken is ook een kwestie van elkaar vertrouwen en elkaar zo nu en dan ook wat gunnen. Ik moet zeggen dat is in de afgelopen college-periode hebben we binnen de coalitie prima met elkaar samengewerkt. Er zijn veel resultaten geboekt. Het collegeprogramma van vier jaar geleden is nagenoeg geheel uitgevoerd. Natuurlijk waren er ook verschillen van mening. En dat is ook gezond. Soms waren ze ook ideologisch verklaarbaar: de discussie over de millenniumgemeente, de discussie over de schilderijen en de vraag of je trouwambtenaren moet toestaan om te weigeren om mensen met een homosexuele geaardheid in het huwelijk te verbinden. Zo willen wij het Ericaterrein nadrukkelijk groen houden, terwijl de coalitiepartners daar beduidend minder zwaar aan tilden. Ook over de invulling van het Lucentterrein (wel of geen woningbouw / wel of geen Mulock Houwerschool) werd aanvankelijk verschillend gedacht. Toch wisten we de verschillen van mening steeds in onderling overleg te overbruggen. Dat kon omdat er sprake was van onderling vertrouwen.
Ook de Twentse hoogleraar Bas Denters komt tot deze analyse. Sterker nog, van hem hoeven we ons niet echt uit te sloven in de coalitie-onderhandelingen: hij adviseert de onderhandelende partijen om niet te veel tijd te investeren in het opstellen van een collegeakkoord, laat staan daar een heel gedetailleerd document van te maken. 'Iedereen weet dat een collegeakkoord de tand des tijds niet kan doorstaan. Het gaat vooral om vertrouwen in elkaar. Je kunt je beter beperken tot het vastleggen van enkele hoofdlijnen en daarnaast procedurele afspraken maken hoe je omgaat met twistpunten. Ga in ieder geval niet alles dichtspijkeren. Dat leidt tot niets.'
Als de onderhandelaars zijn advies opvolgen, dan leggen we een in hoofdlijnenakkoord vast waar we wel en niet mogen gaan bouwen, hoe we omgaan met de gemeentelijke belastingen, op welke terreinen we gaan bezuinigingen als de rijkskortingen doorgaan. Hoe gaan we om met de ontwikkeling van de tweede fase van het havengebied. Dat vullen we aan met een paar prioriteiten op het gebied van veiligheid, sociaal beleid, sport en onderwijs. En we zijn klaar. Dan hebben we nog voor 31 maart een nieuw college.