Een etentje van twee miljoen

19 feb 2010 | Erwin Ormel | Reageren

Donderdagavond vond in het gemeentehuis het lijsttrekkersdebat plaats. Voor de één een democratisch hoogtepunt in de verkiezingscampage, voor de ander een terugkerend ritueel. De belangstelling was zeker goed te noemen: de raadszaal was goed gevuld. Doorgaans kunnen we daar bij raads- en commissievergaderingen maar van dromen. De gemeente had kosten noch moeite gespaard om het goed te organiseren. En ook de gespreksleider, Victor de Coninck, leidde de avond op een speelse manier.

Voor de trouwe volger van de raadsvergaderingen leverde de avond geen verrassende inzichten op. De gemeente is niet op alle fronten de baas en kan dus ook niet zo maar van alles afdwingen, het naleven van het rookverbod of de invulling van het gat aan de Keucheniusstraat. Je zag bij alle deelnemers aan tafel voldoende realiteitszin om dat te erkennen. De verschillen tussen partijen moest je met een vergrootglas zoeken. Dat is een bekend fenomeen in de lokale politiek. Lokale kwesties moeten vaak praktisch opgelost worden en lopen zelden langs ideologische scheidslijnen. Dan komt het er ook vaak op aan dat je gaat kiezen voor bewezen kwaliteit: bestuurders die bewezen hebben de problemen te kunnen aanpakken of bestuurders die een duidelijk gezicht hebben naar burgers toe. Tenslotte is er een grote groep die zich laat leiden door het imago van de Haagse politici.

Verrassend was de slotvraag van de presentator. Waar moet Huizen op bezuinigigen, als het kabinet een deel van de bezuinigingsproblematiek doorschuift naar de gemeenten. Experts voorspellen dat dat wel eens kan oplopen tot 2 a 4 miljoen per jaar.  Gerrit Pas, lijsttrekker van Groen Links, werd die vraag ook gesteld. Hij kwam niet verder dan een aantal incidentele projecten. Dat brengt een structurele bezuiniging niet dichterbij. Maar goed, ook Groen Links wil zich hier nu de vingers niet aan branden, zo blijkt. Hij kwam met een verrassende suggestie."Het raadsetentje zelf laten betalen door de raadsleden". Alsof we met elkaar ieder jaar tijdens het traditionele raadsetentje twee miljoen naar binnen werken.

De symbolische waarde spreekt mij aan. Als je straks aan iedereen in de lokale samenleving vraagt om offers te brengen, dan moet je ook de eigen extra's ter discussie durven te stellen. Je hebt als gemeenteraad ook een voorbeeldfunctie. Hoe beperkt het financiële effect ook is. Maar als politieke richting voor de oplossing van een financiële crisis kan ik het niet serieus nemen.

 

Reageren

* - verplichte velden